Archive for the ‘Van de voorzitter’ Category

Van de voorzitter: aan de ton

Saturday, February 13th, 2021

Het is inmiddels al vele jaren geleden dat ik het plan opvatte om lid te worden van de GSA. Ik was op een informatieavond geweest en had een dagje meegevlogen. Een zweefvliegkampje leek mij daarom wel wat. Een optie was om met pen, schaar en postzegels aan de slag te gaan om het opgaveformulier in de Steek in te vullen en op te sturen naar de postbus. Ik twijfelde echter over hoe snel en zeker ik een antwoord zou kunnen verwachten via deze route. Tot zover had de GSA niet echt een overgeorganiseerde indruk gemaakt. Beter was het om mij in persoon op te geven. Volgens de Steek was er iedere donderdag een borrel dus dat leek mij de uitgelezen mogelijkheid. Gelukkig stond op de achterzijde een advertentie van Havenzicht met het adres. Zo liep ik op donderdagavond Havenzicht in. Na enig zoeken vond ik achterin een ton waaraan een aantal gezichten zaten die ik herkende. “Ik wil lid worden” gooide ik in de groep. “Mooi. Je bent aan de beurt “ was het antwoord.

Sindsdien ben ik nog vaak aan de beurt geweest. Op de borrel was de simpele regel dat als je binnenkwam een rondje gaf. Vervolgens ging je aan de ton zitten om de biertjes weer terug te ontvangen. Even naar de borrel gaan was geen optie. Dat gaf ook niet. De borrel was de plaats waar zaken geregeld werden en nieuwtjes gedeeld (rondje!). Aan de ton was de plek om mooie en sterke (vlieg)verhalen te horen en te vertellen. Daarbij maakte het niet uit hoe vaak een verhaal al verteld was. De historie moest overgeleverd worden. Zodat we ons blijven herinneren dat er ook een tijd was zonder parkeer-apps. Soms was er ook tijd voor meer wetenschappelijke onderwerpen. “Brandt het of smelt het” was hierbij favoriet. Natuurlijk werd deze discussie gevoerd op basis van ter plekke verzamelde empirische gegevens.

Door deskundigen heb ik mij wel eens laten becijferen dat we in Havenzicht in de loop der jaren vliegtuigen hebben omgezet in bier. Maar goed net zoals zweefvliegen moet je gezelligheid niet in geld willen uitdrukken. Net zo min als in tijd. Havenzicht had die tijdloze kwaliteit waardoor het altijd vertrouwd aanvoelde. Of je er gisteren nog had gezeten. Zelfs in de afgelopen jaren toen ik er alleen nog maar met de dies kwam. Helaas bleek de tijd uiteindelijk wel vat te hebben op Havenzicht. Afgelopen zomer is Havenzicht gesloten. Bé vond het mooi geweest en wie kan hem ongelijk geven. De eigenaar van het pand zag meer in een woonhuis dan een café. Aan de ene kant is het jammer dat we niet meer naar Havenzicht kunnen. Hoewel, we kunnen altijd nog een keertje aanbellen. Aan de andere kant is het voordeel dat Havenzicht voor mij altijd blijft zoals het was. Ik loop niet het gevaar om ooit geconfronteerd te worden met een Havenzicht nieuwe stijl voor mensen die biertjes met smaakjes drinken.

Ik denk met veel plezier terug aan de tijd in Havenzicht. En wat is er mooier dan deze herinneringen te kunnen delen met lotgenoten? Waar kan ik mij aanmelden als oud-bezoeker?

Van de voorzitter: aangename afleiding

Saturday, February 8th, 2020

Als je ergens mee bezig bent dan moet je je niet laten afleiden. Iedere verstoring haalt je uit je routine en vergroot de kans dat je iets vergeet. Dat geldt zeker op een zweefvliegveld, bijvoorbeeld bij het monteren van het vliegtuig of de dagelijkse inspectie. Ik heb geleerd dat je bij een verstoring tijdens de inspectie moet stoppen en weer van vooraf aan moet beginnen. Zoals altijd is dat makkelijker gezegd dan gedaan.
Afgelopen zomer was ik in Spanje op het platform de dagelijkse inspectie aan het doen. Het was gelukkig erg rustig op het platform zodat ik ongestoord kon werken. Halverweg de inspectie zie ik echter uit mijn ooghoek drie mannen in gele hesjes het platform op kuieren. Ik hoop dat ze niet mijn kant opkomen en zorg dat ik niets doe wat hun aandacht kan trekken. Na enige aarzeling komen de heren toch mijn kant op. Ik negeer ze en ga verder met de inspectie.

Ik heb net de rechtervleugel geïnspecteerd en moet alleen nog de voorkant van de romp. Op dit moment zijn de heren zo dicht genaderd dat zij mij aanspreken “Hola”. Ik reageer niet en ga stug door. Na nog twee pogingen met “Hola” wordt er overgeschakeld op het Engels. Ook dit geeft geen reactie van mij. Ik moet nu alleen de inspectie nog aftekenen. Gelukkig maar want op ieder moment kan een van de heren zich ontpoppen als doventolk.

Na het aftekenen begroet ik de heren vriendelijk. Hierop stellen de heren zich voor als inspecteurs van de Luchtvaartinspectie. Ze doen een inspectie van het veld en willen ook graag mij en het vliegtuig inspecteren. Ik probeer nog te ontkomen door aan te geven dat het vliegtuig Nederlands geregistreerd is maar dat wordt weggewuifd. Een van de heren pakt zijn map en trekt er een vers formulier uit. Er wordt begonnen met “Name? Address?” als makkelijke opwarmertjes. Daarna wil hij papieren zien, veel papieren. Ik laat mijn brevet en medical zien. Vervolgens gaan we verder met de vliegtuigpapieren. Er worden driftig zaken afgevinkt op het formulier.

Terwijl ik alle vragen beantwoord laat ik mij bijna afleiden door de andere twee heren waarvan de een ons vliegtuig gebruikt om de ander de basisprincipes van de besturing uit te leggen. “No safety equipment” doet mij weer concentreren op mijn taak. Het klinkt meer als een constatering dan een vraag dus beaam ik het maar. De chute met een verlopen levensduur lijkt mij niet het vermelden waard. Daarna gaan we over naar de vluchtvoorbereiding. Ik meld trots dat ik de notams bestudeerd heb. De vraag over luchtvaarkaarten is lastiger. De Spaanse ICAO-kaarten zijn niet echt geschikt voor het zweefvliegen dus die heb ik niet. Om aan te komen zetten met mijn zelf gemaakte kaarten is ook geen goede optie.

Mijn hoop is gevestigd op de vluchtcomputer. Ik zet hem aan en laat de inspecteur de schermen met alle luchtruimgegevens zien. Dat wordt gelukkig geaccepteerd met slechts de opmerking dat de gegevens tenminste iedere 28 dagen moeten worden bijgewerkt. Ik beloof beterschap. Hiermee is de inspectie afgerond. De inspecteur zet resoluut zijn handtekening op het formulier, klapt zijn map dicht en sluit af met een “Gracias”. Voor mij het teken om mij weer te richten op het perfectioneren van de kunst van het vriendelijk negeren. De heren vervolgen hun weg over het om verklaarbare redenen uitgestorven platform.

Ik hoop dat dit stukje u even een aangename afleiding heeft kunnen bieden tenminste als u niets aan het doen was.

Martijn Pluim

Van de voorzitter: onverantwoord!

Monday, June 25th, 2018

Ik kreeg van de week een mail van de commissaris PR waarin hij het probleem van de huidige tijd aanstipte. Ook de GSA zou niet ontsnapt zijn aan de invloed van social media en de terreur van de correctheid. Dit zette mij aan tot het mijmeren over mijn zonden.

“Bakje op circuit” was de kreet waarmee ik als verse DBO-er op mijn eerste zomerkamp over het veld werg gejaagd. De kreet was afkomstig van een figuur zittend op het enige krukje op de startplaats. De figuur wekte de indruk dat zijn studie zijn levenswerk was geworden. Hij had zijn territorium afgebakend met sigarettenpeuken. In zijn streven naar een perfecte startproductie was er geen plaats voor de honger en vermoeidheid van de meute. Het klinkt misschien niet als een vakantie maar we waren er ook om te vliegen.

In de huidige tijd zou het niet lang duren voordat iemand met zijn telefoon een video zou maken en online zou zetten. Een storm van verontwaardiging over het wangedrag zou losbarsten. Over het afbeulen van de jonge studentjes, het gebrek aan voeding en de slaapdeprivatie. Schandalig hoe de studentjes s‘avonds gedwongen werden om rondjes om het vuur te lopen en te vertellen over hun ervaringen terwijl de meute haarfijn al hun angsten en trauma’s ontleedde. De roep tot een onderzoek was niet te negeren.

Hoofdschuddend zou de witte jas van de Smaakpolitie door de kooktent lopen. Etenswaren op de grond. Bereide en onbereide producten door elkaar. Niets in de koelkast was gelabeld. “Maar het bier gaat iedere avond op” sputterde een studentje nog tegen. De aandacht van de witte jas werd echter opgeëist door een penetrante knoflookgeur die uit een pan in de hoek van de tent kwam. Met uitgestrekte arm probeerde hij om zijn thermometer in de bonenmassa in de pan te steken. “23,7” meldde hij tromfantelijk en zette weer een rood kruis op zijn lijst.

Bij het kampvuur zou een andere deskundige metingen verrichten naar de hoeveelheid fijnstof die vrijkwam bij het verbranden van autobanden. Zijn conclusies waren zorgwekkend. Dat het toegestaan werd dat mensen zonder mondkapje bij het vuur zaten was onverantwoord. Ook de vluchtwegen waren niet goed aangegeven. Over het feit dat in de directe omgeving van het kampvuur al het brandbare materiaal netjes was verwijderd was hij wel weer te spreken.

Ook de sanitaire voorzieningen zouden niet aan de aandacht ontsnappen. Volstrekt ontoereikend voor het aantal mensen. Maximaal 24 seconden warm water per persoon per dag werd er becijferd. Dat er geen gescheiden voorzieningen voor mannen en vrouwen waren kon natuurlijk ook niet. “Genderneutraal” probeerde iemand, die zichzelf kampleider noemde, nog tussen twee slokken door.

Ik ben blij dat ik nog een tijd heb meegemaakt waarbij ik rustig op zomerkamp kon zonder dat ik bang hoefde te zijn dat de hele wereld meekeek. Ongetwijfeld dat er zaken zijn gebeurd waaraan iemand aanstoot zou kunnen nemen maar hij die zonder zonden is bestelt het eerste rondje.

Martijn Pluim

Van de voorzitter: regels

Wednesday, February 4th, 2015

“Weet je wel hoelang ik al lid ben!” Op het moment dat u dit hoort op het veld dan is duidelijk dat het uitwisselen van inhoudelijke argumenten voorbij is. Vaak start een dergelijke discussie als een persoon wordt aangesproken omdat hij zich niet aan een regel heeft gehouden. De aangesproken persoon voelt zich genoodzaakt om zijn gedrag te verdedigen. Hij kende de regel natuurlijk wel maar de regel geldt niet voor iemand met zijn ervaring. Of de regel zelf was onzinnig. Of niemand houdt zich aan de regel. Kortom argumenten genoeg.

Nu probeer ik zelf nooit de bovenstaande argumenten te gebruiken als ik word aangesproken omdat ik mij niet aan een regel houd. Ik kom tijdens het seizoen op verschillende velden en er blijken altijd weer nieuwe regels te zijn. Vanzelfsprekend verdiep ik mij in de lokale regels en in het geval van twijfel vraag ik het aan iemand die bekend is ter plaatse. Dit levert over het algemeen strijdige informatie op of gewoon een simpel schouder ophalen. Kennelijk vraag ik het niet aan de juiste persoon want zodra ik iets fout doe staat de persoon die de regel kent (in veel gevallen ook de bedenker) voor mij. Ik bedank de persoon voor het feit dat hij de moeite nam om mij terecht te wijzen en probeer me vervolgens aan de nieuwe regel te houden. Hierbij heb ik vaak het gevoel dat ik de enige ben die zich aan de regel houdt. Kennelijk zijn er nog veel uitzonderingen op de regel die ik nog moet leren.

Bij de GSA was ik ook geen overvloed aan regels gewend. Bij de GSA hadden we slechts een paar regels zoals altijd achter de startende kisten langs lopen. Of strak is pas strak als de kist gerold heeft. Het waren er niet veel maar we waren ook maar een clubje van simpele studenten. Dat werd ons wel duidelijk gemaakt door de gastinstructeurs van “echte” clubs die hoofdschuddend rondliepen over zo’n gebrek aan regels en organisatie.

Meer regels blijkt echter niet synoniem met een betere organisatie. Een regel heeft alleen zin als mensen zich er aan houden. Hiervoor is minimaal nodig dat de mensen de regel kennen, anderen zich aan de regel houden en ze het nut van de regel inzien. Een overvloed aan regels ondermijnt al deze drie punten.

Waarom dan al die regels? Veel regels worden gemaakt om te voorkomen dat iets fout gaat. Dit leidt tot regels die dingen verbieden. Je kunt iets echter op veel meer manieren fout doen dan goed doen. Het is simpeler om een regel te maken die vertelt hoe je iets wel moet doen.  Anders moet je iedere keer als een creatieve geest een nieuwe manier heeft bedacht om iets fout te doen weer een regel toevoegen. Ik zou de creativiteit van mensen op dit punt niet onderschatten.

Minder regels betekent niet dat er geen discussie over de regels zal zijn. Het ligt nu eenmaal in de aard van mensen om het niet eens te zijn met de regels van anderen. Ik ben zelf de eerste om het bestaansrecht van veel regels in twijfel te trekken. Discussie over de regels is prima maar niet op het veld. In het vliegbedrijf is geen ruimte om onduidelijkheid over de regels te laten bestaan. Dan ken ik maar één goed argument: “Weet je wel wie hier startleider is!”.

Martijn